WITITJ HEALING

Balanda; page under

Construction 

De specerijenrush

Nadat de route om de zuid was ontdekt ontstond er een stormloop van compagnieën welke tochten naar Zuid-Oost Azië organiseerde. De onderlinge concurrentie was zo fel dat er een fiasco dreigde. Een fusie van compagnieen -de VOC- kreeg van de staten-generaal het monopolie op de handel in Oost-Indie. De VOC was tijdens de 17de en 18de eeuw het grootste handels- en scheepvaartbedrijf ter wereld. De vloot had een omvang van meer dan honderd schepen.  Op de handelsroutes werden eigen vestigingen met kantoren, pakhuizen en werven opgericht. Er werden nieuwe gebieden ontdekt en zelfs complete kolonieën gesticht. De VOC had zelfs een eigen leger.

Voc schepenElk jaar stuurde de VOC zo'n dertig schepen naar Oost-Azië. Veel van deze schepen werden op eigen scheepswerven gebouwd. Uiteindelijk heeft de VOC twee eeuwen bestaan. In haar bestaan heeft zij aan duizenden mensen werk geboden.

 

 

   een6isnietgenoeg.blogse.nl/archief/

 

 

De Unie van Utrecht 

De Unie van Utrecht is in 1579 gesticht als reactie op de stichting van de Unie van Atrecht kort voordien in datzelfde jaar. De gewesten die hun beleid in Atrecht coördineerden, wilden het katholicisme en daarmee de Spaanse overheerser steunen; de gewesten van de Unie van Utrecht beoogden juist het tegendeel daarvan. De Unie van Utrecht omvatte de zeven provincies Holland, Zeeland, Utrecht, Gelderland, Overijssel, Groningen en Friesland. De belangrijkste rol kwam toe aan Holland, de dichtst bevolkte en ook rijkste provincie. De Unie van Utrecht is de voorloper van de Republiek der Verenigde Nederlanden waarvan het bestaan pas in 1648 internationaal is erkend.

Unie van Atrecht en Unie van Utrecht

 

 

 DUYFKEN

Australië - Het onbekende Zuidland

Nederlandse scheepvaarders bereikten rond 1606 de noordkust van Australië. Aborigines hadden zich al 50.000 jaar eerder op het continent gevestigd.

Tijdens de laatste ijstijd waagden de eerste Aborigines de oversteek vanuit de Indonesische archipel. De zeespiegel was toen veel lager, een groot deel van de zee tussen Indonesië en Australië was drooggevallen. Maar de tocht vergde evengoed de nodige zeemanskunst en zeewaardige vaartuigen.

Aborigines waren pioniers op een continent waar de flora en fauna zich totaal anders had ontwikkeld dan op andere plaatsen in de wereld. In 50.000 jaar tijd deden de Aborigines een diepgaande kennis op van elke woestijn, elk woud in dit enorme land. Hun wereldbeschouwing, de Dreaming,  werd een systeem van cultuur en religie waarin de identiteit van elk mens nauw wordt verbonden met het land en de mythische voorouders die het geschapen hebben.
De schepping noemen de Aborigines de Droomtijd. Schepping houdt nooit op de seizoenen volgen elkaar op, leven komt na dood. Zo is ook de Droomtijd nooit afgelopen.

Zeewaardig vlot van boomstammen, bijeengehouden met touw en houten pennen. Het vlot kan 3 tot 4 mensen dragen. Waarschijnlijk hebben Aborigines 50.000 jaar geleden een vlot als dit gebruikt voor de grote oversteek van de Indonesische archipel naar Australië.

De eerste kennismaking
Europeanen stelden zich het grote onbekende Zuidland voor als een land met fantastische fabelwezens en woeste wonderlijke bewoners. De reisverslagen van de eerste Nederlandse ontdekkingsreizigers maakten een eind aan dit beeld, maar maken ook duidelijk dat de Nederlanders niet onder de indruk waren van wat ze er aantroffen. De grond leek onvruchtbaar en er waren geen specerijen of andere schatten die een verdere verkenning de moeite waard maakten.

De eerste ontmoetingen liepen slecht af. Nederlanders waren gewapend en hadden geen notie van de gebruiken die Aborigines in acht nemen bij een eerste ontmoeting. Er vielen slachtoffers aan beide kanten. Voor de Aborigines was dit het einde van een periode van 50.000 jaar van alleenheerschappij.

Tegelijkertijd raakten de Aborigines gefascineerd door het ijzer en glas dat de Nederlanders bij zich hadden. Later brachten de vissers van Makassar en de Engelse en Franse expedities meer van deze materialen. Aborigines maakten er gereedschappen van om hout te bewerken. Het houtsnijwerk ontwikkelde zich en wekte de interesse van Europese verzamelaars.

     

Deze voorwerpen werden verzameld door de antropologe Ursula Mc Connel rond 1930. Een draagnet van acacia-vezel ('dilly bag'), een halsketting die een vrouw aan haar minnaar schonk, en een drinknap gemaakt van een schelp, die werd gebruikt om water te scheppen uit de nabije bron. Als de Nederlandse ontdekkingsreizigers tijdens hun bezoek op een Aboriginal kamp gestuit waren, dan zouden ze dit soort voorwerpen gevonden hebben.

Nederlanders op Cape York
Het Nederlandse schip de Duyfken was in 1606 op expeditie aan de zuidkust van Nieuw-Guinea, op zoek naar goud. Tijdens die tocht deden ze de westkust van Australië aan, het schiereiland Cape York dat werd bewoond door de Wik. Dit was Europas eerste kennismaking met Australië en zijn bewoners.

De Duyfken stuurde een kleine boot naar de kust, met de bedoeling om kralen en ijzer te ruilen. Helaas ontaardde de ontmoeting in een drama waarbij een Nederlander werd gespietst en op zijn minst één Wik man werd doodgeschoten.

Ritueel beschilderde gevechtsspeer, kaiya, voorzien van weerhaakjes in de vorm van een aantal giftige stekels van de pijlstaartrog die op een kop van acaciahout zijn gezet. Mensenbloed is rondom de bamboe steel gesmeerd, als tovermiddel. De kaiya werd gebruikt om het been te doorboren als straf voor het overtreden van de traditionele wetten.

In 1623 bezocht de expeditie van Jan Carstensz Cape York, met het doel om handel te drijven met de Wik. Carstensz nam een man en twee vrouwen gevangen. In het gevecht dat volgde werden negen Nederlanders en een onbekend aantal Wik gedood.

De Nederlanders zagen dat de Aborigines metaal hadden, dat afkomstig moest zijn  van de ontmoeting met de mensen van de Duyfken. Ondanks het geweld en het wantrouwen waren beide partijen nieuwsgierig geworden naar elkaar.

Nederlanders in Noordoost-Arnhemland
Arnhemland is genoemd naar het Nederlandse schip de Arnhem dat in 1623 tijdens de expeditie van Jan Carstensz naar het westen voer om te onderzoeken of er handelsmogelijkheden waren. Er waren vluchtige ontmoetingen tussen de bemanning van de Arnhem en de Yolgnu.

Er volgden nieuwe expedities in 1636 en 1643, waarvan niet veel bekend is. Abel Tasman schreef dat hij: "arme naeckte strant lopers seer arm, ende op veele plaetsen quade genatureerde mensen.." had gezien.

Net zoals andere ontdekkingsreizigers had Tasman grote moeite de aard van de natuur en de cultuur van dit onbekende land te bevatten.

Via de Hollanders bemachtigden de Yolgnu metaal en textiel; later via de vissers van Makassar, die vanaf het begin van de 18e eeuw hun jaarlijkse bezoeken brachten op zoek naar zeekomkommers.

Van de Makassaren leerden de Yolgnu houtsnijden. In de houtsnijwerken en de boombastschilderingen van de Yolgnu worden de scheppende voorouders uit de Droomtijd afgebeeld.

   

Houten beelden van Madalait (links en Djankawu (rechts), gesneden en beschilderd door Yolngu-kunstenaar, Mauwalan Marika, 1952. De Djankawu Droomverhalen zijn van de Yolngu die aan de kust wonen in het noordoosten van Arnhemland. We zien Madalait en haar broer Djankawu hun kano naar de kust roeien, verlicht door de stralen van de Zonnevrouw, Walu. Djankawu bewondert de golven die op de prachtige kust breken en slierten zeewier in het water. De patronen op het bovenlichaam van het beeld tonen deze voorouderlijke motieven. Op de onderrug en buik van Madalait verwijzen patronen van gedroogd zout water naar de heilige voorwerpen van de Dhuwa-moiety. Die worden in de kano vervoerd en waren tijdens de heilige reis nat geworden.

De identiteit van elke Yolgnu is verbonden met de scheppende voorouders, die het land en de gebruiken hebben gemaakt in de tijd die bekend staat als de Droomtijd. De voorouders zongen het land en ontwierpen een bepaalde beeldtaal. De liederen en de ontwerpen worden weerspiegeld in de ceremonies die generaties lang zijn doorgegeven en zijn ook weer de basis van de Yolgnu kunst van tegenwoordig.

Boombastschildering van een Makassaarse prauw; geschilderd door een onbekende kunstenaar, Groote Eylandt, 1948. Twee mannen bewegen het gevlochten pandanzeil met touwen, terwijl een ander voor de mast staat. Boomstamkanos werden aan de kust van Arnhem Land geïntroduceerd door Makassaarse vissers, die de metalen gereedschappen die nodig waren om ze te maken, meebrachten. Boomstamkanos dreven in werkelijkheid laag in het water, maar hun afbeeldingen op schilderingen van boombast lijken vaak meer op de grotere en hogere Makassaarse prauwen.

In deze voorwerpen is de invloed van de bezoekers van Makassar direct terug te vinden; de vissers van Makassar kwamen vanaf het begin van de 18e eeuw jaarlijks naar Arnhemland, op zoek naar trepang (zeekomkommers).

De geometrische motieven in de Makassaarse stoffen hebben invloed gehad op de Yolgnu boombastschilderingen. De grafpalen van Makassar hebben de Yolgnu geïnspireerd tot het maken van voorouderfiguren.

Nederlanders in het gebied van de Tiwi
In 1636 landde Pieter Pieterszoons tijdens een onderzoekstocht op de noordkust van Melville Island waar de Tiwi wonen. Maar het duurde nog 70 jaar voordat de Tiwi voor het eerst Europeanen zagen. Tijdens Maarten van Delfts expeditie in 1705, werd een kleine schermutseling gevolgd door enkele weken van vreedzaam contact. 500 Tiwi kwamen in contact met de Nederlanders; ze ruilden vis, krabben, bessen en vers water voor textiel, metaal en opsmuk.

Van Delfts verslag is de vroegste beschrijving van een groep Aborigines. Hij schrijft:
Sijnde seer snel, en van een wel gemaect postueren een geele of roode saneering met schiltpatsvet geprepareert, schijnt haer sieraedsijna lijwaet, messen, corealen en sulke snuijsterijen seer gretig scheenen, maer oock niets bezitten, hetwelck nae enige waerdij gelijkt. En hebben nogh ijser noch ijets dat nae minerael, erts of metaal gelijckt; want een steen die gesleepen is, speelt voor haer beijl; woonen nogh in huijsen noch in hutten, en geneeren zich met vischen door harpoenen van hout; als oock met kleine netten, en varen in zee met schuijtjes van boomen gemaeckt, die in sich selven soo swack zijn dat ze door dwarshoutjes moeten worden geschoort Sommige van haer hadden lijkteeckens, als ofse gecurven off gesneden waren geweest, dewelcke sij (so het ons toescheen) als een soor van sieraetje gebruickten. Sij eeten seer weijnig en matigleijck, waerdoor sij gedurig even vaerdig en agil werden gevonden.

   

Werpknots (links) en werphout van de Tiwi, die gebruikt werden bij een ritueel gevecht. Mogelijk dateren ze van het eerste bezoek van Hollandse zeevaarders aan Melville Island in 1705.

Vanaf de 17e eeuw werden de Tiwi regelmatig bezocht door Nederlanders, Fransen, Engelsen en door vissers van Makassar. Deze bezoekers brachten een reeks  nieuwe producten mee; waaronder metaal, dat door de Tiwi zeer gewaardeerd werd. Tiwi kunstenaars gebruikten metalen gereedschappen om houten grafpalen en voorouderfiguren te snijden.

naturalis.treznet.nl/tn.cultuur/lp.rmv/museumkennis/i004291.html

Meer over heden en verleden van de Tiwi is te vinden op de website van de Stichting Volkenkundige Collectie Nederland, www.svcn.nl.

 

 2006 Duyfken, The Aboriginal Print Portfolio commissioned by the Embassy of the Kingdom of the Netherlands

 

www.australianprintworkshop.com/projects/Duyfkencatalogue.pdf   ......... www.australianprintworkshop.com/projects/project.asp?projectId=133&pageId=12 Sydney Masterwork, Vivien Anderson Gallery ... www.vivienandersongallery.com/artists/dhuwarrwarr_marika/bio.html

 

 

 

 

DULAMArI (DjALINDA YUNUPINgU)
Born 1954, north east Arnhem Land
Lives in north east Arnhem Land, Northern Territory
gumatj clan
Gawarrk (Woman turned into rock)
Linocut in two colours, printed from two blocks
Drawn and cut on the blocks by the artist and printed by
rosalind Atkins at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 60cm Paper size: 56 x 76cm
Nobody knows where the miyalk (woman) named gawarrk
came from. she wasn’t Macassan, European or Yolngu
(Aboriginal). she was from an unknown people. she swam
from Dhambaliya (Bremer Island) where my family lives now,
towards gutjangan, our homeland, to Banupanuwuy and
then to Bolulawuy, where the barge landing is now. Here she
danced with the two swords which broke when she hit them
together. The swords fell into the water and the miyalk turned
into the rock called gawarrk. The dance that gawarrk did
on the beach with the swords is done in Yirritja Ceremonies
today. some of the places at Dhambaliya are Yirritja, but
mostly Dhuwa land and sea. The anchor indicates that
Dhambaliya has abundant freshwater.

DHUWArrWArr MArIKA
Born c.1946, north east Arnhem Land
Lives in north east Arnhem Land, Northern Territory
rirratjingu clan
The Macassan prahu
Linocut in one colour, printed from one block
Drawn and cut on the block by the artist and printed by
rosalind Atkins at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 60cm Paper size: 56 x 76cm
For some 300 years, until the beginning of the twentieth
century, Macassan fishermen from what is now sulawesi
in Indonesia used to sail to the northern shores of Australia
every monsoon season to collect sea cucumbers (trepang). They
introduced metal to the Yolngu (Aboriginal people of eastern
Arnhem Land) as well as words which are still in use today:
the Yolngu word for ‘outsider’ is balanda, a variation on the
word ‘Hollander’. The prahu, with its distinctive sails and two
rudders, is shown with its crew, the cargo of sacks of rice,
trepang, and swords and axes. The background design is the
rirratjingu clan design for water.


jANICE MUrrAY
Born 1966, Melville Island
Lives in Milikapiti, Melville Island, Northern Territory
Tiwi language
Jilamara
Hard ground etching and aquatint printed in three colours,
printed from two copper plates
Drawn on the plates by the artist and printed by Martin King
at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 59cm Paper size: 56 x 76cm
jilamara is a Tiwi word that means ‘design’ or ‘pattern’. This is
a pattern from the Pukumani burial ceremonies the Tiwi have
performed ever since the ancestor Purukuparli died millennia
ago, and the first burial ritual took place. janice’s traditional
country at Tinganu (Impinari) is where these ancestral events
occurred: Purukuparli’s footprint is still there.


gArrY NAMPoNAN
Born 1960, Aurukun
Lives in Aurukun, west Cape York, Queensland
Apelech clan
Untitled
Hard-ground etching in two colours, printed from
one copper plate with colour roll up
Drawn on the plate by the artist and printed by Martin King
at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 59 x 44cm Paper size: 76 x 56cm
The dog belongs to my grandmother’s story place. The brolga
is my grandmother’s totem. The eagle is the totem in the
Archer river, near my country. The name of the eagle in Wik-
Mungkan is Kang Kang. The dugong belongs to a story place
off the coast at the mouth of the Love river. The designs
on the figures are those painted onto people’s bodies in
ceremony, and onto sculptures.


LEoNIE PooTCHEMUNKA
Born 1962, Aurukun
Lives in Aurukun, west Cape York, Queensland
Apelech and Winchanam clans
Moon Sisters Story
Linocut in two colours, printed from two blocks
Drawn and cut on the blocks by the artist and printed by
rosalind Atkins at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 60cm Paper size: 56 x 76cm
Two sisters of the Winchanam clan were going hunting for
turtles etc. Next minute they came across a river (the Archer
river), looking for lily roots. They thought they saw a big
barramundi swimming but it was the moon who took the
two ladies away from our people. At Ti-tree there is a hollow
where the moon took the two women. When it is full moon
you can see the women in the moon. This is a true story;
everybody knows that.

PEDro WoNAEAMIrrI
Born 1974, Melville Island
Lives in Milikapiti, Melville Island, Northern Territory
Tiwi language
Yirrinkiri Jilamara
Lithograph in three colours, printed from
three aluminium plates
Drawn on the plates by the artist and printed by Martin King
at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 60 x 45cm Paper size: 76 x 56cm
This is a design from our Pukumani burial ceremonies: it
is the pattern we paint on tutini or grave posts. We have
conducted these ceremonies for centuries, well before the
Dutch first came to Melville Island 300 years ago. It is hard for
us to imagine how far those first Dutch sailors had to travel
to get here, but when they got here my people were already
doing Pukumani.

cover:
LAUrEL NANNUP
Born 1943, Carrolup, south Western Australia
Lives in Perth, Western Australia
Binjareb / Nyoongar language
Old Spirit of the Sea
Lift-ground, aquatint and spit-bite etching in two colours
with hand colouring, printed from two copper plates
Drawn on the plates by the artist and printed by Martin King
at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 60 x 40cm Paper size: 76 x 56cm
The Duyfken in 1606 was the first ship to sail to what is now called Australia.
Commander Willem janszoon sailed down south of the west coast of Cape York
for 200 miles. The sailors’ first encounter with the Aboriginal people was not
friendly, the crew was attacked and being short of supplies janszoon decided to
turn back. one could only guess what the Aboriginals thought when they saw
the big white sails of the Duyfken; the sails would have looked like a big white
bird, and the sailors, being white, would have made the Aboriginal people think
it was their ancestors’ spirits coming back from the dead.


CHrIs PEAsE
Born 1969, south coast of Western Australia
Lives in Perth, Western Australia
Minang / Nyoongar language
Thoughts on first contact
Lithograph in two colours, printed from
two aluminium plates
Drawn on the plates by the artist and printed by Martin King
at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 60cm Paper size: 56 x 76cm
I thought of the Dutch vessels and the idea of the wooden
hulls containing and protecting the sailors from the harsh
environment outside. The hull, and in particular the ribs
of a ship, protect the lives within, just as the ribs of an
animal protect its organs. Dutch ship-building during the
seventeenth century was in its prime. In contrast to this
technology, the ships sailed into primeval territory. In 1621
the Leeuwin came into contact with Nyoongar boodja (land),
home to the humpback whale, the southern giant petrel
and of course the Nyoongar people. My research into the
Dutch voyages has parallels with much of the research I have
undertaken on my own people: the gathering together of
pieces of information to construct a complete picture.


KArEN CAsEY
Born 1956, Hobart, Tasmania
Lives in Melbourne, Victoria
The Record Keepers
Photo-lithograph in one colour, printed from one CTP
off-set photo-litho plate
Image developed by the artist in Photoshop and printed by
Martin King at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 40 x 54cm Paper size: 56 x 76cm
From the ancient practice of hand-stenciling to the elaborate
science of cartography, human beings possess an innate
desire to record and chart their arrivals and journeys through
life. Drawing from Abel Tasman’s 1642 expedition journal and
on the cave art signatures of my Tasmanian forebears, this
work responds to both the spirit of exploration and discovery,
and to the enduring sense of connection one has with
one’s country and place of origin. Like the contours of the
explorers’ maps, the tracings and imprints of clasped hands
reveal the passage of time, metaphorically uniting peoples
of different cultures through the myriad of life’s experience,
each existing within a particular geographic location and each
with a story to tell.



ALLAN MANsELL
Born 1957, Tasmania
Lives on Bruny Island, Tasmania
i
Hard-ground etching in three colours, printed from
two copper plates
Drawn on the plates by the artist and printed by Warren
Cooke at Australian Print Workshop, 2006
Image size: 60 x 45cm Paper size: 76 x 56cm
The leaves represent Tasmania where there are more varieties
of gum trees than anywhere else in Australia. Within each leaf
is the gum tree itself, as in the veins of the eyelid. The circles
represent harmony. The inner circle symbolises contact
between the Dutch and Tasmanian Aboriginal people. As they
did not meet physically, contact was through sight: the upper
eye sees Dutch ships; the lower eye sees the Tasman Bridge
(in Hobart) as a symbol of the bridge between the Dutch and
Aboriginal people. The colour within the leaves is that of the
earth. The blue in the eyes refers to Europeans and blue is
symbolic of the upper classes in history as blue was
a precious pigment.

 www.tiwiart.com/news.asp

In July last year, Jilamara artists Janice Murray & Pedro Wonaeamirri, spent a week at the Australian Print Workshop in Melbourne.  The purpose of the visit was to create a limited edition of prints commissioned by the Embassy of the Kingdom of the Netherlands.  This commission was to commemorate 400 years of Dutch contact with Australia and to acknowledge the special role of Aboriginal people in these early contacts with the Dutch. The theme of the project was 'first encounters".  The title of the portfolio was named after the first Dutch ship to land in Australia, the Duyfken.

Here are some photos of the Duyfken launch at the Art Gallery of NSW last October.  The launch was attended by the ten Aboriginal artists involved, His Royal Highness Prince Orange and Princess Maxima of the Netherlands, and Niek van Zutphen, Ambassador of the Kingdom of the Netherlands.

Photos are provided by Adam Craven.

1. (l-r) Pedro Wonaeamirri, Janice Murray, Dhuwarrwarr Marika, Dulamari, Garry Namponan, Jack Bell

2. Pedro meets His Royal Highness, Prince Orange

 

1606 - 2006 Netherlands Australia

Journey of the Duyfken in Australia ... Aboriginal Print Portfolio

  • www.nederland-australie2006.nl/index.php?mod=evau
Aboriginal Print Portfolio

The Aboriginal Print Portfolio project is a project for which a limited number of prints have been commissioned to support several emerging artists who are descendents of the Aboriginal peoples who made first contact with the Dutch explorers. The artist made their prints at the Australian Print Workshop in Melbourne during a workshop in May. The works have been presented officially in October and will be showcased during a regional tour. This project is supported by Forbo Flooring, Rabobank Australia, Rio Tinto Aluminium and Wesfarmers.

Organiser Royal Netherlands Embassy, Australian Print Workshop
When to be announced soon
Where different musea in Australia

 dUYFKEN Portfolio TOT:

  • www.riotintoaluminium.com/media/267_603.asp
  • Duyfken Indigenous Art

    Recording the history and heritage of Australia.

    Recognising the importance of Indigenous art from Cape York has been a fundamental part of Rio Tinto Aluminium's ongoing relationship with the Traditional Owners from Western Cape York in Queensland.

    In 2003 the Queensland Art Gallery with the support from Rio Tinto Aluminium developed Australia's first major exhibition of Aboriginal art from Cape York. Known as Story Place, the exhibition explored historical and contemporary art from throughout the region.

    In 2006 Rio Tinto Aluminium was given another opportunity to recognise the significance of Aboriginal art when it joined with other key sponsors to participate in a special project acknowledging the role of Aboriginal people in the initial contact with Dutch explorers 400 years ago.

    The Dutch ship, Duyfken, landed on the west coast of Cape York Peninsula near Weipa in 1606. This was the first European contact with Australia. To celebrate the 400th anniversary of Dutch contact with Australia last year, the Royal Netherlands Embassy commissioned Duyfken: The Aboriginal Print Portfolio. Ten Indigenous artists originating from areas where the Duyfken landed, each produced a print which was included in this limited edition portfolio.

    In 2007 Rio Tinto Aluminium donated one of the portfolios to the Queensland Art Gallery.

    Click here to read the media release on this sponsorship.

     

     

    www.riotintoaluminium.com/media/59_291.asp

    14 June 2007

    RTA supports indigenous art [PDF: 754 KB]

    RTA supports indigenous art

    Rio Tinto Aluminium (RTA) has presented a significant limited edition portfolio of Indigenous art to the Queensland Art Gallery as part of its support and recognition of Indigenous art. The portfolio is one of an edition of 50 featuring art works from 10 Indigenous artists from around Australia.

    RTA was delighted to partner with the Queensland Art Gallery's Gallery of Modern Art earlier this week to showcase the portfolio, titled Duyfken. The prints were commissioned by the Royal Netherlands Embassy to commemorate 400 years of Dutch contact with Australia.

    RTA Chief Executive, Oscar Groeneveld said the company has a long history of working with communities in Cape York and this portfolio further supports RTA's commitment to preserving the region's cultural heritage.

    "The portfolio has provided us with a unique opportunity to directly support art making communities in Weipa and the Western Cape where our bauxite mining operations are based," Mr Groeneveld said.

    "We are pleased that one of the portfolios now has a permanent home at the Queensland Art Gallery and is available for the wider community to enjoy," he said.

    In July last year the Royal Netherlands Embassy, in collaboration with the Australian Print Workshop in Melbourne and the project's four major sponsors, Rio Tinto Aluminium, Rabobank, Forbo Flooring Systems and Wesfarmers identified a unique way to include Aboriginal
    communities and artists in the celebrations.

    Ten of Australia's most talented Aboriginal artists from areas that encountered Dutch explorers 400 years ago took part in a week-long workshop at the Australian Print Workshop to produce a portfolio of artworks themed 'First Encounters'. Two of these artists, Garry Namponan and Leonie Pootchemunka, were from the Cape York region. Profits from the sale of the Duyfken portfolios are being directed back into the artists' communities.

    Honorary Consul of the Kingdom of the Netherlands Captain Kasper Kuiper said the sponsorship of this highly successful project provided an opportunity for Aboriginal artists to step onto the world stage.

    "The artists have been able to develop ideas in a creative environment and raise their own profiles on a national level. They will be given the opportunity to make a difference to their communities and potentially to the recognition of Aboriginal art overseas," Captain Kuiper said.

    RTA has worked closely with the Queensland Art Gallery in showcasing and promoting Indigenous Australian art from the Cape York region through its sponsorship of the Story Place exhibition in 2003 - Australia's first major exhibition of Cape York art.

    The company also sponsored the Gallery of Modern Art's Indigenous art exhibition recently.

     

    Media Release…

    14 June 2007

    RIO TINTO ALUMINIUM SUPPORTS INDIGENOUS ART

    Rio Tinto Aluminium (RTA) has presented a significant limited edition portfolio of Indigenous art to

    the Queensland Art Gallery as part of its support and recognition of Indigenous art. The portfolio

    is one of an edition of 50 featuring art works from 10 Indigenous artists from around Australia.

    RTA was delighted to partner with the Queensland Art Gallery’s Gallery of Modern Art earlier this

    week to showcase the portfolio, titled Duyfken. The prints were commissioned by the Royal

    Netherlands Embassy to commemorate 400 years of Dutch contact with Australia.

    RTA Chief Executive, Oscar Groeneveld said the company has a long history of working with

    communities in Cape York and this portfolio further supports RTA’s commitment to preserving the

    region’s cultural heritage.

    "The portfolio has provided us with a unique opportunity to directly support art making

    communities in Weipa and the Western Cape where our bauxite mining operations are based,"

    Mr Groeneveld said.

    "We are pleased that one of the portfolios now has a permanent home at the Queensland Art

    Gallery and is available for the wider community to enjoy," he said.

    In July last year the Royal Netherlands Embassy, in collaboration with the Australian Print

    Workshop in Melbourne and the project’s four major sponsors, Rio Tinto Aluminium, Rabobank,

    Forbo Flooring Systems and Wesfarmers identified a unique way to include Aboriginal

    communities and artists in the celebrations.

    cont…/

    Ten of Australia’s most talented Aboriginal artists from areas that encountered Dutch explorers

    400 years ago took part in a week-long workshop at the Australian Print Workshop to produce a

    portfolio of artworks themed ‘First Encounters’. Two of these artists, Garry Namponan and

    Leonie Pootchemunka, were from the Cape York region. Profits from the sale of the Duyfken

    portfolios are being directed back into the artists’ communities.

    Honorary Consul of the Kingdom of the Netherlands Captain Kasper Kuiper said the sponsorship

    of this highly successful project provided an opportunity for Aboriginal artists to step onto the

    world stage.

    "The artists have been able to develop ideas in a creative environment and raise their own

    profiles on a national level. They will be given the opportunity to make a difference to their

    communities and potentially to the recognition of Aboriginal art overseas," Captain Kuiper said.

    RTA has worked closely with the Queensland Art Gallery in showcasing and promoting

    Indigenous Australian art from the Cape York region through its sponsorship of the Story Place

    exhibition in 2003 - Australia’s first major exhibition of Cape York art.

    The company also sponsored the Gallery of Modern Art’s Indigenous art exhibition recently.

    ENDS

    Caption left to right: Rio Tinto Aluminium Chief Executive Oscar Groeneveld, artist

    Leonie Pootchemunka, Honorary Consul of the Kingdom of the Netherlands Captain

    Kasper Kuiper and artist Garry Namponan

    Electronic photo available upon request.

    For further information contact:

    Jim Singer

    Manager External Affairs

    Telephone +61 7 3867 1698

    Mobile +61 (0) 419 704 653

     

     

     



     

     

     

     


    www.cultuurnet.nl/berichten/inhoud.asp?show=3966&page=17

    vrijdag 4 april 2008
    Utrecht - Australische parlementaire delegatie bezoekt AAMU

    Voorzitter Australische Senaat sluit de tentoonstelling Schittering op zondag 6 april.

    Op zondag 6 april zal een parlementaire delegatie uit Australië onder leiding van de voorzitter van de Australische Senaat, Senator Alan Ferguson, het AAMU in Utrecht bezoeken als onderdeel van een bezoek aan Nederland van 5 tot 8 april. Naast Senator Ferguson bestaat de delegatie uit zes parlementsleden en senatoren. Zij zullen ontvangen worden door de loco-commissaris van de Koningin van de provincie Utrecht mevrouw A.H. Raven BA, de burgemeester van Utrecht de heer mr. A. Wolfsen, en de heer dr. H. Sondaal, bestuursvoorzitter van het AAMU en voormalig ambassadeur in Australië. Zes april is tevens de laatste dag van de tentoonstelling Schittering. Het museum heeft daarom Senator Ferguson gevraagd de tentoonstelling officieel te sluiten. Het AAMU wordt door Australië erkend als een belangrijk platform voor Australisch cultureel erfgoed in Europa.

    Tijdens de ontvangst zal de kunstenaar Christian Thompson, van wie momenteel verschillende werken te zien zijn in de tentoonstelling Schittering, een korte performance geven, waarna de delegatie zal worden rondgeleid door het museum. De tentoonstelling zal vervolgens om 16.15 uur officieel worden gesloten door Senator Ferguson. Dit spiegelt de opening van Schittering in oktober 2007 door zijn Nederlandse evenknie mevrouw mr. Y.E.M.A. Timmerman-Buck, voorzitter van de Eerste Kamer.

    Het museum is zeer vereerd met het bezoek van de Australische parlementaire delegatie en wil graag laten zien hoe zij zich als museum voor hedendaagse Aboriginal kunst zowel landelijk als in de provincie en stad Utrecht profileert. De sluiting van Schittering valt samen met het jaarlijkse Museumweekend.

     

    vrijdag 10 oktober 2008
    Utrecht - Interventie door Brook Andrew haalt stereotypen onderuit

    INTERVENTIE DOOR BROOK ANDREW HAALT STEREOTYPEN ONDERUIT
    Tentoonstelling “Theme Park” opent 17 oktober in het AAMU

    Het museum gaat op de schop: “Theme Park” is een interventie in het AAMU van de Australische kunstenaar Brook Andrew die het hele gebouw in beslag zal nemen. Hij gebruikt hiervoor eigen werk en werken in bruikleen waaronder zeventiende-eeuwse gravures uit het Maritiem Museum in Rotterdam. Daar plaatst hij hedendaagse werken van o.a. Marlene Dumas, Felix De Boeck en Marcel Broodthaers naast evenals objecten uit de AAMU collectie en andere, internationale collecties. Het museum wordt naast tentoonstellingsruimte zelf een tentoonstellingsobject.

    Brook Andrew heeft in zijn werk historisch beeldmateriaal verwerkt waarmee hij het publiek confronteert met stereotype beelden. Dit is o.a. terug te zien in de vijf monumentale zeefdrukken van 2,5 bij 3 meter uit de serie “The Island” (2008) met negentiende-eeuwse beelden van Australië gebaseerd op beeldmateriaal uit de Haddon Library in Cambridge. Dit wordt gecombineerd met grote opblaasclowns, Aboriginal beeldjes, kitscherige souvenirs en neon. Een fotokopieerapparaat draait continu waarmee de kunstenaar de ontkoppeling tussen origineel en het beeld van het origineel en de culturele betekenis daarvan zichtbaar maakt. In elke ruimte creëert hij een belevenis waarbij de installaties worden begeleid door typisch Australische muziek op LP.

    Grensoverschrijdende thema’s die in Brook Andrews werk en installaties naar voren komen zijn de beeldvorming van ras, politiek, beroemdheid, materialisme en schoonheid. Onder invloed van zijn Wiradjuri en Keltische afkomst onderzoekt hij de confrontatie tussen massacultuur en persoonlijk ervaring, en raciale identiteit versus identiteit die wordt beïnvloed door internationale culturele en politieke stromingen en de hedendaagse beeldcultuur. De motieven van de Wiradjuri, het volk van zijn moeder uit Zuidoost-Australië, komen op verschillende plekken terug in “Theme Park”, o.a. op de clowns en op de objecten afkomstig uit het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (België) en het Musée des Confluences (Frankrijk).

    In professor Marcia Langtons woorden in haar bijdrage aan de tentoonstellingscatalogus: “Als de vroegere circussen met hun tentoongestelde ‘woeste inboorlingen’ en ‘wilde indianen’ ons iets leren over de aantrekkingskracht van de wildernis te midden van de stedelijke, kosmopolitische leefstijl van Australië en Europa, dan is het dit: hadden de Aboriginals niet bestaan, dan zouden ze moeten worden uitgevonden. In Brook Andrews Theme Park is het type Aboriginal dat in het oude circus te kijk stond, opnieuw uitgevonden met serieuze en ironische bedoelingen."

    Op de meeste tentoonstellingen heeft een kunstenaar weinig invloed. In dit themapark is het omgekeerde het geval. Brook Andrew zet de toon. Hij stelt de beeldvorming omtrent identiteit en de rol van een museum ter discussie. Hij confronteert daarom ook het AAMU met haar eigen identiteit. Met “Theme Park” zet hij een thematische botsing van culturen neer. “Dit is de wereld”, zegt Andrew hier zelf over. “Het is allemaal niet zo zwart-wit als we denken.”

    Over Brook Andrew:

    Brook Andrew (1970) wordt beschouwd als een van Australië’s meest belangrijke en vernieuwende kunstenaars. Hij werkt met zeer uiteenlopende media als neon, fotografie, performance, video en creëert installaties in musea. Brook Andrew nam deel aan verschillende internationale projecten en tentoonstellingen in Azië, Europa en de Verenigde Staten. Hij was o.a. te zien in typical! Clichés of Jews and Others – het Joods Museum, Berlijn; Alfred Metraux: from Fieldwork to Human Rights – Smithsonian Institute, National Museum of Natural History, Washington D.C.; PRISM: CONTEMPORARY AUSTRALIAN ART – Bridgestone Museum of Art, Ishibashi Foundation, Tokyo; TRANS VERSA – Museo de Arte Contemporáneo, Santiago, Chili. Zijn overzichtstentoonstelling “Eye To Eye” reisde in 2007 en 2008 door Australië en doet momenteel t/m 2009 verschillende steden in Azië aan. Hij nam deel aan Den Haag Sculptuur 2007 met de installatie “Colony”.

    Brook Andrew wordt vertegenwoordigd door Tolarno Galleries in Melbourne.

     

     www.cultuurnet.nl/

    vrijdag 9 januari 2009

    Utrecht - The Statement of Apology - lezing door Prof. Dr. Ad Borsboom in het AAMU

    Op maandag 26 januari, Australia Day, geeft prof.dr. Ad Borsboom een lezing in het AAMU. Aan de hand van de excuses die premier Kevin Rudd namens de Australische regering aan de Aboriginal bevolking uitsprak in februari 2008, schetst hij de huidige positie van de Aborigines. Ook gaat hij in op de uitdagingen die er nog voor de deur staan om deze Statement of Apology in de toekomst een succes te laten worden. Australia Day is de belangrijkste nationale feestdag in Australië; onder de Aboriginal bevolking staat de feestdag beter bekend als Invasion Day.

    Ad Borsboom wordt beschouwd als een autoriteit op het terrein van Aboriginal samenlevingen. Hij deed veel (veld)onderzoek naar religieuze en sociale veranderingen, economisch beleid en landrechten en schreef het boek De Clan van de Wilde Honing, Spirituele Rijkdom van de Aborigines (1996/2000). Door zijn langdurig en regelmatig verblijf in Australië heeft hij zich als deskundige ontwikkeld op verschillende aspecten van de Aboriginal samenleving waaronder politiek, geschiedenis en cultuur. Zijn huidige onderzoek is gericht op lange-termijnveranderingen bij de inheemse Australische bevolking: Aborigines die nog veel van de duizenden jaren oude denk- en levenswijze in ere houden maar ook een plek proberen te vinden in de moderne Australische natie.

     dinsdag 24 februari 2009
    Utrecht - Framer Framed. Start van serie lezingen en debatten in het AAMU

    Framer Framed. Aboriginal art: it’s a white thing.
    Start van serie lezingen en debatten in Utrecht op 17 maart in het AAMU

    Het Centraal Museum, Museum Maluku, Kosmopolis, debatcentrum TUMULT en het AAMU Museum voor hedendaagse Aboriginal kunst presenteren:

    Framer Framed

    Framer Framed is een serie van debatten en lezingen waarin belicht wordt hoe enerzijds de kunstinstellingen in Utrecht zich tot niet-westerse kunst verhouden, anderzijds hoe kunstenaars zichzelf in deze discussie bewegen. Daarbij wordt ook gekeken naar nationale en internationale ontwikkelingen.

    De tentoonstelling waar op 17 maart deel 1 van deze discussie aan wordt verbonden is Theme Park van Brook Andrew, in het AAMU. Theme Park is een tentoonstelling waarin de beeldvorming rond identiteit en (raciale) afkomst ter discussie wordt gesteld. Hierin worden voorstellingen van internationale, koloniale connecties met Australië en de Aboriginals onderzocht. Brook Andrew houdt zowel het publiek als het museum een spiegel voor en gebruikt het museum als tentoonstellingsonderwerp in plaats van omgekeerd.

    Bij dit debat getiteld "Aboriginal art: it’s a white thing" gaan kunstenaars het gesprek aan met conservatoren. We laten kunstenaars aan het woord met een niet-Nederlandse of meervoudige culturele achtergrond. Zij gaan in gesprek met conservatoren van instellingen die verschillende posities innemen ten aanzien van het postkoloniale en het interculturele debat en die nadrukkelijk een ander beleid voeren ten aanzien van niet-westerse kunst.

    Het debat wordt gehouden onder leiding van Chris Keulemans. Deelnemers zijn o.a. kunstenares Mella Jaarsma, Nancy Hoffmann, directeur van het Instituto Buena Bista en de conservator van het AAMU, Georges Petitjean.

    Datum: dinsdag 17 maart
    Aanvang: 20.00 uur (deuren open: 19.30 uur)
    Toegang: gratis
    Locatie: AAMU, Museum voor hedendaagse Aboriginal kunst, Oudegracht 176, 3511 NP Utrecht
    Aanmelden kan via: info@aamu.nl of 030 2380100


    Meer over de verdere invulling van Framer Framed kunt u binnenkort vinden op de website www.tumultdebat.nl

     van Doorstroom, page Garma

    Verwantschapsstructuur

    Een allesbepalend raster van verwantschappen

    redacteur Lies Rubingh

    19 januari 2005

    "Blanken zullen ooit echt helemaal kunnen bevatten hoe de aboriginal samenleving in elkaar steekt. Ze kunnen zich er een beeld van proberen te vormen, maar zullen nooit echt aanvoelen hoe het precies zit."

    "De aboriginal samenleving is gebaseerd op de 'kinshipstructure', een structuur van verwantschappen. Deze structuur ligt ten grondslag aan alles en bepaalt de relaties tussen alle elementen van de wereld. Zij bepaalt bijvoorbeeld wat de relatie is tussen twee mensen en welke verwachtingen ze ten opzichte van elkaar hebben. De verwantschapsstructuur heeft niks te maken met biologische verwantschap.


    Nederlander Wiebe ter Bals werkte tussen en met de Yolhu, een aboriginal volk in de Northern Territories. In de anderhalf jaar dat hij daar woonde, heeft hij meer inzicht in de ingewikkelde aboriginal cultuur gekregen dan menig collega.

    Hoe de structuur wordt gevormd, verschilt per volk, maar voor de Yolhu geldt het volgende: alle elementen, inclusief mensen, behoren tot een van de twee 'moieties': Dhuwa of Yirritja. Dat is de basisverdeling. Een kind krijgt bij de geboorte de 'moiety' van zijn vader. Als het gaat trouwen, moet dat altijd met iemand van de andere moiety. Van zijn moeder krijgt het kind een 'skinname', wat betekent dat het tot dezelfde 'clan' behoort als zijn moeder. Daarnaast krijgt hij van zijn vader ook een familienaam. Deze loopt diagonaal door de structuur heen. Mijn skinname is Burralah, mijn familienaam Gurruwiwi.
    De verwantschapsstructuur is een zichzelf herhalend patroon van vier lagen breed en vier lagen hoog. Overgrootvader, grootvader, vader, kind in de verticale lijn. Kind, moeder, moeders broers en de vrouwen met wie zij zijn getrouwd en aan de andere kant vader, zijn zusters en de mannen met wie zij zijn getrouwd. Dit vormt een raster. Iedereen heeft daarin een bepaalde plaats en dus een bepaalde positie ten opzichte van een ander. Daarbij heeft hij dezelfde soort relatie met ieder ander die dezelfde positie in de verwantschapsstructuur inneemt. Ongeacht of die persoon bloedverwant is of niet.

    Rechten en plichten
    Elke relatie houdt bepaalde rechten en plichten in. Wie welke persoon van eten moeten voorzien of onderdak moet bieden of andersom bijvoorbeeld. Door elkaars positie te kennen, weten ze wat ze van elkaar kunnen verwachten en hoe ze zich moeten gedragen. De band met biologisch verwanten is veel minder belangrijk dan de kinshiprelatie. Als ik een kind krijg, is het voor aboriginals net zo goed het kind van al mijn broers en alle andere Yolhu die dezelfde plaats in de structuur innemen als ik.

    Adoptie
    Aboriginals kunnen niks met iemand die geen plaats heeft in de verwantschapsstructuur. Die persoon is een schaduwwezen in hun wereld. Een van de eerste dingen die ze doen bij een vreemde, mits die respect toont, is hem adopteren. Dan is hij onderdeel van hun universum en kunnen ze met hem omgaan.


    Deze tekening gaat uit van het kind: de Ego. Het kind heeft een vader en een moeder. De zus van de moeder is in de westerse cultuur een tante. In de verwantschapscultuur wordt zij echter ook benoemd als 'moeder'. Hetzelfde geldt voor de broers van de vader: die nemen dezelfde plaats in als 'vader'. Hun kinderen (die wij neven of nichten zouden noemen) zijn kinderen van een 'vader' en nemen dus de positie in van 'broers' en 'zussen'. De broer van de moeder wordt wél gezien als oom, omdat er in dit geval een verschil in sekse is. Hetzelfde geldt voor de zus van de vader. Hun kinderen zijn neven en nichten van Ego.
    Deze benamingen worden ook doorgetrokken in een volgende generatie. De zus van de grootmoeder is ook een grootmoeder voor Ego. Dus haar kleinkinderen (achterneven of -nichten voor ons) worden ook beschouwd als broers en zussen van Ego. Zo kennen de Yolhu wel 70 verschillende posities die mensen kunnen innemen.
    De posities en relaties bepalen het gedrag binnen de samenleving: met wie iemand kan trouwen, bepaalde rituele activiteiten kan uitvoeren en samenleven, wie wie onderwijst, hoe geschillen worden opgelost etc. De Ego moet bijvoorbeeld materiële goederen delen met ooms en tantes als zij dat van hem vragen, maar hetzelfde kan hij ook van neefjes en nichtjes verwachten. De enige geschikte huwelijkspartner voor een man is iemand die in de structuur de positie inneemt van de dochter van de zus van de vader, mits ze de juiste 'skin' heeft. Elke 'skin' heeft twee 'skins' die geschikt zijn. Deze verwantschapsstructuur bepaalt de politiek, economie en het recht van de samenleving. (
    Beluister ook de audio)

    (c) Laurent Dousset

    Verwantschap met natuur
    Maar het gaat verder. De verwantschapsstructuur geldt voor alles in de wereld: planten, dieren, winden, rivieren, regens, zonsopgang, zonsondergang, volle maan, halve maan. Als een aboriginal midden in een bos wordt gevraagd: 'Welke boom is dit?' Dan is: 'dat is mijn neef' een volkomen logisch antwoord. Zo zien zij de wereld.

    Onvoorwaardelijk
    Het bijzondere van de verwantschapsstructuur is de onvoorwaardelijke aanvaarding. Als Yolhu iemand accepteren en weten welke relatie ze tot diegene hebben, is dat absoluut en onvoorwaardelijk. Vervolgens kan hij zich als heilige of klootzak gedragen, ze zullen hem nooit geheel laten vallen. Binnen de structuur hebben ze bepaalde verplichtingen en rechten jegens die persoon. De rechten zullen ze altijd doen gelden, de verplichtingen zullen ze altijd nakomen."

    Meer over de verwantschapsstructuur door Laurent Doussetwww.ausanthrop.net/research/kinship/kinship2.php

     
    Dit is het einde van de les initiatie. Je hebt nu geleerd dat Yappa een
    initiatie heeft moeten ondergaan om bij de mannengroep te horen. ...
    <
    http://www.dreamweb.nl/yappa/flash.htm>

    Missie

    Dreamweb is een initiatief van Lucien Lecarme. Lucien werd in 1987 door zijn studie Culturele Antropologie in Nijmegen geïnspireerd door prof. Ad Borsboom en de Aboriginal kunst, cultuur en religie. Na deze studie bezocht Lucien tweemaal een Aboriginal gemeenschap in Noord-Arnhemland (zie foto-impressie) en deze pure ontmoeting met enkele Aboriginal families veranderde zijn leven. Het opgaan in de natuur, het spanningsveld tussen materialisme en het behoud van een traditionele levenswijze, het maken van de kunst en vele andere facetten van deze rijke cultuur raakte Lucien zodanig, dat hij terug in Nederland hier artikelen over publiceerde, tentoonstellingen begon te organiseren en Stichting Dreamweb oprichtte. Verder was hij manager van Maureen Watson en nu van Gavin Ware  


     Artikel over Aboriginal kunst  in de BRES in het jubileumnummer in maart 2000

     

     
     
     
     
     
     

    Dreamweb is een spiegel van deze fascinatie, en wil de kennis en respect voor deze oudste nog levende cultuur op aarde verspreiden in Nederland en daarbuiten. Dit doet Dreamweb door het organiseren van tentoonstellingen en het maken van educatieve programma’s over de Aboriginal kunst en cultuur. 

    Kenmerkend in de Aboriginal cultuur is het delen en het willen leren van elkaar en het respect voor de natuur. Vandaar de missionstatement : Delen / Leren / Verbinden. Kennis en schoonheid delen, leren van elkaar en de verbondenheid met de aarde en de natuur opnieuw beleven. 

     

     

     

    Door de educatieve Dreamweb projecten 'Yappa en de levenscirkel' voor het VMBO en 'De Aboriginal Droomkoffer © ' voor het basisonderwijs delen kinderen in Nederland hun culturele achtergrond en leren zij van elkaar en van de rijke Aboriginal cultuur.

     

     Nederlands Ministerie van Buitenlandse Zaken

    Informatie over landen die hulp krijgen, het beleid, behaalde resultaten, de minister, het blad Internationale Samenwerking (IS) en voorlichtingsmateriaal.

    www.minbuza.nl/nl/ontwikkelingssamenwerking

     

    ikregeer.nl

    VERSLAG Vastgesteld 1 april 1996 Op uitnodiging van het Australisch Parlement bracht een Nederlandse parlementaire delegatie een bezoek aan Australie van 26 februari tot en met 5 maart 1995...
    1.2 In de afgelopen jaren is in Australie de belangstelling gegroeid voor gebeurtenissen waarbij Nederlanders in vroeger dagen in de wateren en op het land van dat continent betrokken waren. Na een Abel Tasman- herdenking wordt nu gewerkt aan de reconstructie van vroegere VOC-schepen als de Batavia (in 1629 vergaan voor de westkust van Australie, vastgelegd met het huiveringwekkend vervolg in het Pelsaert- ¨ journaal) en de Duyfken (de replica krijgt als thuishaven Fremantle)....
     
    Evenals andere etnische groepen, Duitsers, Italianen, Fransen, wil ook de van Nederlanders afstammende gemeenschap in Australie een levend centrum van Nederlandse identiteit en cultuur van de grond tillen. ...
     
    Dat gevoel van eigenwaarde speelt zeker een rol in voornemens tot wijziging van de personele constitutionele band met het Verenigd Koninkrijk, draagt ook zeker bij tot een grotere erkenning van betekenis en cultuur van de oorspronkelijke ontdekkers van Australie, zo’n 40 000 jaar ¨ geleden, de voorouders van de Aboriginals, maar ook voor onbelaste historische betrekkingen. In verband met deze herwaardering mag vastgesteld worden dat een groeiende belangstelling bestaat voor de momenten waar de Australische en Nederlandse geschiedenis vervlochten raakten en voor Nederland op zich. Dat biedt een goed uitgangspunt voor het verder inhoud geven van politieke, economische, sociale en culturele banden tussen beide landen....

    7. Enkele gevolgtrekkingen
    7.1 De historische banden met Nederland worden in Australie gewaar- ¨ deerd, meer dan misschien hier beseft wordt. Getuige ook de bouw en localisering van replica als de Batavia en Duyfken. Initiatieven in Australie ¨ waar de Nederlandse buitenlandse dienst bij betrokken is, verdienen ondersteuning. De geschiedkundige belangstelling wat Nederland betreft, gaat in Australie in het bijzonder uit naar de Nederlanders overzee en met name ¨ in Azie en naar de specifieke ervaringen van de Nederlandse immigranten. ¨ In het kader van het cultureel verdrag kan deze belangstelling gestimu- leerd worden. ...
     
    7.3 Australie is bezig met een politiek-economische en politiek- ¨ geografisch herorientatie van haar belangen, handelspolitiek en buiten- ¨ lands beleid richting noorden, oosten en zuid-oosten van Azie. Die ¨ herorientatie is verbonden met een groter zelfbewustzijn. Australie ziet ¨ ¨ zichzelf graag als springplank en makelaar voor Europese belangen in de regio. Vaststelbaar is ook dat Australie grote behoeften houdt aan ¨ buitenlandse investeringen vanuit (west-)Europa en Nederland. Indien Nederland meer van de interessante markt in Australie, met hoge ¨ economische groeicijfers, en in de regio wil profiteren dan is het dienstig dat enige Nederlandse presentie ondersteund wordt door handelsmissies, documentatie en andere promotionele activiteiten.
     
    7.5 Het is zaak dat Nederlandse diplomaten ter plaatse het Nederlandse beleid kennen en kunnen toelichten en dat vanuit Nederland adequate economische informatie ter beschikking wordt gesteld op vragen en uit eigen beweging.
     
    --------------------------------------------------------------
    Address to be given by the Speaker of the Upper House of the States General during the luncheon given at the Carlton Beach Hotel by the Dutch branch of the Australian Business in Europe (ABIE) organisation on Thursday 22 June 1995
     
     
    Today I should like to tell you something about our trip and make some observations based on our experiences. ..

    But our common experiences go still further back. This year sees the 390th anniversary of the landing by Willem Jansz from «de Duyfken» in northern Australia after a voyage by way of New Guinea. Later came other Dutch navigators, the best known being Abel Tasman. The original Dutch name for Australia – New Holland – was short-lived. At that time in any event the Dutch were traders, not colonists. As a settlement, Australia was still several sizes too large for the Dutch. And, if the truth be told, the country did not attract the «Chinese of the North» when they discovered – to quote one contemporary source – «pitiable persons who lacked even rice». In those days, the Dutch were concerned to build and maintain a trading network at minimal expense. This was the aim of the shareholders of the Dutch East Indies Company (the VOC). I think you will agree it was a modern approach. The British, who came after the Dutch, had a different interest. For them, strategic considerations, amongst others, were of paramount importance...
    Just as Australia wishes to be the springboard to Asia, so the Nether- lands wishes to be the «main gateway» to Europe. This is why the two countries also have an interest in greater mutual political and economic involvement...
     
    Economic factors are a major determinant of stability in the word. However, they are not the sole determinant. The mutual dependence of policy fields is growing. Security and economic development, economic development and the environment, the environment and social development, social development and security are all inextricably bound up with one another. In these fields too there are undoubtedly opportu- nities for joint action on the part of Australia and the Netherlands in international forums. In recent years especially, Australia has developed a very active foreign policy. I would point for example to the convention against the use of chemical weapons, whose secretariat is established in The Hague. But there are also opportunities for cooperation and contacts in the «domestic» field. I would mention by way of example the multicultural society and the ageing of the population. Australia has acquired a reputation for successfully integrating many ethnic groups and building a tolerant society. We were surprised, for example, at the way in which the data on the various immigration flows are presented in the Power House Museum in Sydney. Knowlegde is crucial for successfull integration....

     

     http://www.eerstekamer.nl/brief/20070202/verslag_van
    _het_bezoek_door_een/f=x.pdf


    parlementaire delegatie aan Australië in het
    kader van Nederland-Australië: 400 jaar
    vriendschap
    Nr. 1 VERSLAG
    Vastgesteld 2 februari 2007
    1. Inleiding
    In 1606 stuitte een klein jacht van de Verenigde Oost-Indische Compagnie,
    dat was uitgezonden om de gebieden ten zuiden van Nieuw-Guinea in
    kaart te brengen, op onbekend land. Dit schip was de «Duyfken»; de kust
    die schipper Willem Jansz als eerste in kaart bracht, was Australië.
    De landing van de Duyfken op de noordkust van Australië markeert het
    begin van een lange relatie tussen Nederland en Australië. Zowel in
    Nederland als Australië is in 2006 met tal van activiteiten de vierhonderdste
    verjaardag van dit eerste contact herdacht.
    Tot deze activiteiten behoort het bezoek dat een Nederlandse parlementaire
    delegatie van 8 tot 15 oktober 2006 op uitnodiging van het Australische
    Parlement aan Australië bracht.
    De delegatie stond onder leiding van de Voorzitter van de Eerste Kamer
    der Staten-Generaal, mevrouw mr. Y. E. A. M. Timmerman-Buck. Voorts
    bestond de delegatie uit: J. ten Hoopen (CDA), Onder-Voorzitter van de
    Tweede Kamer; mr. G. J. de Graaf (VVD) en prof. dr. R. Rabbinge (PvdA),
    leden van de Eerste Kamer; mevrouw mr. J. Stuurman (PvdA) en ir. P. H.
    Hofstra (VVD), leden van de Tweede Kamer. De delegatie werd begeleid
    door de Griffier van de Eerste Kamer, mr. G. J. A. Hamilton, en de plv.
    griffier van de Tweede Kamer, drs. M. E. Esmeijer.
    Tijdens de reis kregen de thema’s aandacht die in het Programma van
    Activiteiten Nederland-Australië 400 jaar vriendschap centraal stonden:
    – de rol van Nederlanders bij het in kaart brengen van Australië;
    – de bijdrage van de Nederlandse strijdkrachten aan de verdediging van
    Australië tijdens de Tweede Wereldoorlog;
    – de emigratie van Nederlanders naar Australië in de 20e eeuw;
    – verschillende aspecten van de huidige relatie op gebieden als kunst,
    cultuur, onderwijs, wetenschap, sport, buitenlands beleid en handel.
    Daarnaast is er in het bijzonder aandacht besteed aan:
    – de strategische positie van Australië in de Zuid-Oost Aziatische regio;
    – het actuele immigratie- en integratiebeleid van Australië;
    – de situatie van de oorspronkelijke bevolking van Australië, de
    Aboriginals;
    – het functioneren van Australië als federale staat en de rol van het
    Staten-Generaal 1/2
    Vergaderjaar 2006–2007 A
    KST104881
    0607ekkst30494-A
    ISSN 0921 - 7371
    Sdu Uitgevers
    ’s-Gravenhage 2007 Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 1
    nationale Parlement en de parlementen op het niveau van een staat
    (i.c. de Staat Victoria)..............................

    In Australië geboren kinderen en kleinkinderen
    van Nederlandse immigranten voelen zich in het algemeen toch
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 3
    primair Australiër en bij hen neemt de actieve beheersing van het
    Nederlands snel af....

    2.3. In de Town Hall van Melbourne had de delegatie een ontmoeting met
    de Lord Mayor van Melbourne, John Chun Sai So. Hij is de eerste direct
    gekozen burgemeester van de stad (voorheen werd de burgemeester door
    de Raad van de stad gekozen). John So is in 1946 in het Zuiden van China
    geboren. Via Hongkong migreerde hij op 17-jarige leeftijd naar
    Melbourne, waar hij secundair en universitair onderwijs volgde. Hij
    voerde als student campagne tegen de «White Australia Policy» en was
    betrokken bij de oprichting van de University’s Overseas and Chinese
    Students Association. Hij was leraar en werd, als eigenaar van een steeds
    omvangrijker restaurantimperium, een succesvol zakenman. Op vele
    maatschappelijke terreinen was hij actief. Zo was hij actief in de voetbalwereld,
    directeur van de Melbourne Water Corporation en Ethnic Affairs
    Commissioner of Victoria. Als outsider won hij de verkiezingen voor het
    burgermeesterschap in 2001 uit een groot aantal kandidaten, onder wie
    voorlieden van de gevestigde politieke partijen. In 2004 verwachtten velen
    dat So, ook door een sterk georganiseerde oppositie, niet herkozen zou
    worden. In de eerste ronde haalde So 40% van de stemmen, terwijl zijn
    sterkste rivaal op 9% bleef steken.
    De kracht van So schuilt, zo bleek tijdens het gesprek dat de delegatie met
    hem voerde, in zijn vermogen etnische tegenstellingen te overbruggen en
    culturele integratie te bevorderen. So liet zien hoe zijn stad door openheid
    en transparantie uitgroeide tot een voorbeeld voor de wereld wat betreft
    multiculturele integratie. Mensen met een grote verscheidenheid in
    etnische achtergrond, leven vreedzaam met elkaar, houden een economisch
    zeer sterke stad in stand met een rijk en gevarieerd cultureel leven.
    De criminaliteit is voor een miljoenenstad relatief laag en veel mensen
    leven een gezond leven (veel sport en beweging).
    Inmiddels is eind 2006 bekend geworden dat John So is uitgeroepen tot
    World Mayor 2006. De burgemeester van Amsterdam, Job Cohen,
    eindigde als tweede. Als redenen voor de uitverkiezing zijn onder meer
    genoemd So’s immense populariteit bij de jeugd van Melbourne en het
    grote succes van (de organisatie van) de Commonwealth Games 2006....

    Specifieke problemen rond de Nederlandse «minderheid»
    doen zich niet voor, reden waarom «Nederlandse» kwesties in het
    parlement zelden aan de orde zijn.
    Tijdens de discussie kwam naar voren dat de deelstaten in Australië in
    theorie belangrijke wetgevende bevoegdheden hebben op vele beleidsterreinen.
    In de praktijk worden deze bevoegdheden begrensd door het
    gegeven dat de financiën van de staten in overwegende mate door het
    federale niveau worden bepaald. Federale middelen vloeien volgens
    budgettaire mechanismen toe aan de staten. Binnen de gegeven
    budgettaire kaders is beleidsontwikkeling mogelijk. De paradox van de
    Australische politiek is dat de federale regeringsmacht al vele jaren in
    handen is van de liberale partij van John Howard die een strak begrotingsbeleid
    nastreeft, terwijl in op één na alle deelstaten de regeringsmacht in
    handen is van de Labor Party...............

    2.5. Na het bezoek aan Parliament House bracht de delegatie een bezoek
    aan de Australian Print Workshop. Zij werd ontvangen door de directeur,
    mevrouw Anne Virgo. De Australian Print Workshop biedt Australische
    kunstenaars ruime faciliteiten op het gebied van het vervaardigen van
    kunstdrukwerk. Opgericht in 1981 is de APW uitgegroeid tot een gereputeerd
    facilitair en educatief centrum dat kunstenaars de mogelijkheid biedt
    kunstdrukwerk te produceren en daarvoor een markt te vinden. De
    instelling werft fondsen, trekt sponsoren aan en verwerft opdrachten. In
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 5
    vele musea in Australië en daarbuiten is werk dat onder auspiciën van de
    Australian Print Workshop is vervaardigd, tentoongesteld.
    De APW voert innovatieve projecten uit met het doel de kunstvorm
    «printmaking» verder te ontwikkelen. Tot de projecten behoren activiteiten
    die door inheemse kunstenaars worden ontwikkeld en uitgevoerd.
    In het kader van 400 jaar Nederland-Australië kreeg de APW door de
    inspanning van de Nederlandse Ambassadeur in Australië de opdracht
    een portefeuille kunstwerken te doen vervaardigen dat de eerste
    Nederlandse contacten met de Aboriginal bevolking van Australië tot
    thema had. Tien inheemse artiesten uit streken in Australië die het eerst in
    contact gekomen zijn met de «Duyfken» en de Nederlandse zeevaarders,
    kregen de gelegenheid voor deze opdracht een beperkte oplage van
    originele «prints» te produceren. Van 4 tot 8 juli 2006 kwamen deze
    kustenaars in Melbourne samen voor een workshop. De kunstenaars zijn
    Karen Casey en Alan Mansell uit Tasmania, Dulamari (Djalinda
    Yunupingu) en Dhuwarrwarr Marika uit Noord-Oost Arnhem Land, Janice
    Murray en Pedro Wonaeamirri van Melville Island, Garry Namponan en
    Leonie Pootchemunka uit Aurukun, Western Cape York Peninsula, en
    Laurel Nannup en Chris Pease uit Zuid-West Australia. Van de portefeuille
    zijn 50 exemplaren vervaardigd. Iedere doos bevat tien genummerde
    prints, een titelblad en colofon. Een aantal portefeuilles is gedoneerd aan
    kunstmusea en collecties in Australië en «overseas». Het eerste exemplaar
    zou, tijdens hun bezoek aan Australië, aangeboden worden aan de Prins
    van Oranje en Prinses Máxima. De delegatie was onder indruk van de
    unieke symboliek en kwaliteit van de kunstwerken en achtte het een
    passend gebaar een portefeuille aan te kopen. De dag in Melbourne werd
    afgesloten met een diner waarvoor de honorair consul diverse in
    Melbourne actieve ondernemers met een Nederlandse achtergrond, had
    uitgenodigd....

    De National Library of Australia is de grootste
    topreferentie-bibliotheek van Australië. Haar rol is zeker te stellen dat
    documentaire bronnen van nationaal belang die betrekking hebben op
    Australië en het Australische volk bewaard en toegankelijk gemaakt
    wordt. Aldus wil de bibliotheek bijdragen aan de voortdurende vitaliteit
    van Australië’s cultuur en erfenis.
    Speciaal voor de delegatie was een serie authentieke landkaarten uit de
    17e eeuw tentoongesteld, waaronder werk van Willem de Vlamingh. Een
    deel van deze kaarten is herontdekt in het kader van de voorbereiding van
    400 jaar Nederland-Australië. Grote delen van Australië zijn in de 17e
    eeuw voor het eerst door Nederlandse zeevaarders gekarteerd....

    3.3. Op de eerste dag van het verblijf in Canberra had de delegatie verder
    een ontmoeting met de minister for Families, Community Services and
    Indigenous Affairs, Mal Brough. Met hem sprak de delegatie vooral over
    het beleid ten aanzien van de «inheemse bevolking», de Aboriginals.
    Terwijl de integratie van vele groepen uiteenlopende immigranten tot één
    Australische samenleving goed is verlopen, is de integratie van afstammelingen
    van de oorspronkelijke bevolking vaak nog problematisch. Er
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 7
    zijn 450 000 Aboriginals, van wie 150 000 ver verwijderd van de rest van
    de Australische bevolking woonachtig zijn. De oorspronkelijke bevolking
    heeft niet in gelijke mate deel in de kansen, keuzes, mogelijkheden en
    verantwoordelijkheden die andere Australiërs hebben. Teveel inheemse
    bewoners leven geen zelfstandig leven en nemen niet op gelijke wijze als
    anderen deel aan het economisch leven. Velen leven in afgelegen streken
    in groepen bij elkaar. De overheid verzorgt daar bepaalde basisvoorzieningen.
    Het lukt maar in beperkte mate jongeren een andere weg te doen
    inslaan dan vorige generaties. Buiten de groep treden wordt vaak als een
    inbreuk op de eigen cultuur gezien. Volgens minister Brough betekent
    respect voor en handhaving van de vele waardevolle aspecten van de
    inheemse cultuur niet, dat de inheemse bevolking geen deel zou kunnen
    en mogen hebben aan de vele verworvenheden van de Australische
    samenleving. Handhaving van culturele waarden mag en hoeft vooruitgang
    niet in de weg te staan. Op het gebied van onderwijs, huisvesting en
    gezondheidszorg bestaan er aanzienlijke achterstanden ten opzichte van
    de overige Australiërs. Te weinig kinderen gaan naar school, te weinig
    jongeren verlaten de afgelegen gebieden voor voortgezette educatie en
    training. In sommige regio’s is sprake van verslaving aan «gambling»,
    alcoholmisbruik en (vaak in samenhang daarmee) gewelddadigheid. Het
    beleid van de regering is gericht op partnerschap en het bewegen in een
    richting waar de verdeling van taken en verantwoordelijkheden tussen
    overheden, inheemse bevolking en andere Australiërs meer in lijn is met
    het normale Australische leven. Separatisme en isolatie helpen de
    inheemse bevolking niet. Het accent moet liggen op «empowerment» tot
    zelfstandigheid in alle aspecten van het leven.
    Drie aandachtsgebieden hebben daarbij prioriteit:
    – «early childhood intervention» (adequate gezondheidszorg van jongs
    af aan; onderwijs en opleidingen)
    – «safer communities»
    – «building wealth, employment and an entrepreneurial culture».
    Accentverschillen zijn er wat betreft stedelijke gebieden (herstructurering
    van werkgelegenheidsbeleid; geen assimilatie, maar aanpassing van de
    programma’s aan specifieke behoeften van de inheemse bevolking),
    afgelegen gebieden (minder accent op steunverlening, meer op investeringen
    gericht op werkgelegenheidsperspectieven) en regionale gebieden,
    waar een mengvorm van oplossingen moet aansluiten bij de combinatie
    van problemen die beperkte verstedelijking en «afstand» meebrengen.
    Samengevat is de opvatting van de minister: «Our objective must be
    independent and successful lives for our Indigenous Australian citizens.
    Getting all Indigenous children to school must be our first step. Second
    rate standards and second rate services can no longer be accepted for our
    first Australians.»
    3.4. De eerste dag in Canberra werd afgesloten met een bezoek aan de
    voorzitters van de beide huizen van het Australische parlement: Senator
    Paul Calvert, President of the Senate, en David Hawker MP, Speaker of the
    House of Representatives. Aansluitend boden de voorzitters een diner aan
    de delegatie aan in de President’s Suite. Tijdens het gesprek kregen de
    onderscheiden activiteiten in het kader van de herdenking 400 jaar
    betrekkingen Australië-Nederland aandacht. Gerefereerd werd aan het
    bezoek dat minister-president Balkenende eerder aan Australië bracht, het
    recente bezoek van de Gouverneur-Generaal Michael Jeffery aan
    Nederland en het komende bezoek van Kroonprins Willem-Alexander en
    Prinses Máxima aan Australië. Beide voorzitters maakten gewag van de
    uitstekende betrekkingen tussen beide landen. In de discussie werd voorts
    ingegaan op de karakteristieken van het Australische parlement die deels
    ontleend zijn aan het Britse Westminister model en deels parallellen
    vertonen met het federale model van de Verenigde Staten. De perceptie
    dat sprake is van een «robuust» parlement, werd juist geacht. De
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 8
    omgangsvormen zijn niet altijd verfijnd. Wangedrag in het parlement
    wordt soms afgestraft met een tijdelijke verwijdering (1, 3 of 7 dagen)....

    Deze President heeft blijk gegeven aan te voelen hoe Australiërs tegen
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 9
    Indonesië aankijken. Bovendien zet hij zich ten volle in voor de verdere
    democratisering van Indonesië en de uitbanning van corruptie. Het bezoek
    dat «SBY» in 2005 aan Canberra heeft gebracht wordt gezien als het
    meest succesvolle bezoek ooit van een Indonesisch staatshoofd aan
    Australië. De tweede factor is de tsunami die Indonesië eind 2004 heeft
    getroffen. De enorme hulpvaardigheid vanuit de Australische bevolking
    en de steun van de Australische regering bij het oplossen van de
    problemen na de ramp heeft in Indonesië grote indruk gemaakt. Er is een
    klimaat ontstaan waarin herstel van vertrouwen ten volle kansen heeft. Er
    is een gemeenschappelijk belang te werken aan economische vooruitgang
    en de beide landen steunen elkaar ook in de bestrijding van terrorisme. De
    aanslagen in Bali hebben laten zien dat de veiligheid in Indonesië
    daardoor bedreigd wordt en voor Australië zijn deze aanslagen het bewijs
    dat terreurdaden ook voor dit land niet ver van het bed zijn. White ziet
    perspectieven voor geleidelijke wederopbouw van de samenwerking
    tussen Indonesië en Australië op defensieterrein, waarbij hij het stellen
    van realistische doelen en het vermijden van te hooggespannen verwachtingen
    van primordiaal belang noemde voor succes...

    3.10. Bij het diner dat Ambassadeur Van Zutphen de delegatie ter
    afsluiting van het bezoek aan Canberra in de ambtswoning aanbood,
    waren diverse «Nederlandse» Australiërs en in Australië verblijvende
    Nederlanders uit de wereld van het bedrijfsleven, sport, cultuur en
    wetenschap aanwezig....

    5. Aurukun en Weipa
    5.1. Van Brisbane ging de reis door naar Cairns en vandaar met een klein
    motorvliegtuig naar het hoge Noorden van Queensland naar de afgelegen
    nederzetting Aurukun, 100 kilometer ten zuiden van Weipa, aan de Golf
    van Carpenteria. Aan deze Golf bevindt zich Kaap Keerweer, een
    benaming die vermoedelijk reeds in 1606 aan deze kaap is gegeven, ter
    markering van het feit dat de locale bevolking er in geslaagd was
    gewapende Nederlandse zeevaarders tot terugkeer te dwingen. Op de
    kaarten van Nederlandse ontdekkingsreizigers uit het begin van de 17e
    eeuw is de aanduiding «Keerweer» reeds te vinden, evenals typische
    andere Nederlandse benamingen. De bevolking van Aurukun bedroeg in
    2005 1100, van wie 900 inheemse mensen, behorend tot vijf afzonderlijke
    stammen. De traditionele taal is overwegend Wik Munkin. Op school
    wordt Engels onderwezen. Tussen de verschillende stammen is er,
    verdeeld over twee groepen (de «Top End» en de «Bottom End»), rivaliteit
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 13
    die soms geweld meebrengt. De Missie Aurukun is in 1904 gesticht vanuit
    de Presbyteriaanse Kerk van Australië. Decennialang hebben missionarissen
    het onderwijs, de huisvesting en de ontwikkeling van het gebied
    bepaald. In 1978 besloot de regering van de Staat Queensland het bestuur
    over de reservaten Aurukun en Mornington Island over te nemen, dit
    tegen de wil van de bevolking. Na langdurige onderhandelingen werd een
    vorm van zelfbestuur voor de reservaten ingevoerd op basis van federale
    wetgeving, de «Aboriginal and Torres Strait Islanders (Queensland
    Reserves and communities Self Management) Act» van 7 april 1978. De
    Raad van Aurukun beslist over de verdeling van middelen die de Federatie
    en de Staat voor de reservaten ter beschikking stellen, deels ook als
    vergoeding voor gebruik van het land voor de bauxietwinning. De
    delegatie bezocht het gemeenschapshuis waar de Aurukun Shire Council
    is gevestigd en waar voor voorts medische, postale en administratieve
    diensten worden verleend.
    In Aurukun bezocht de delegatie voorts het Wik & Kugu Arts and Crafts
    Centre. Dit centrum staat onder beheer van het Queensland Indigenous
    Arts and Marketing Export Agency (QIAMEA), een initiatief van de
    regering van Queensland om inheemse kunst en cultureel handwerk te
    bevorderen door het organiseren van exportactiviteiten op statelijk,
    nationaal en internationaal niveau. De delegatie sprak met kunstenaars en
    ook met leerkrachten van de basisschool. Uit de gesprekken bleek dat toch
    slechts een marginaal deel van de bevolking ervoor kiest respectievelijk
    erin in slaagt met kunst en handwerk tot een zinvolle tijdbesteding te
    komen. Een beperkt deel, voorts, vindt arbeid in de bauxietindustrie. Een
    groot deel van de bevolking komt niet toe aan betaalde arbeid.
    Leerkrachten uit de stedelijke gebieden van Australië verbinden zich
    doorgaans voor een of twee jaar aan de kleine scholen in de Aboriginal
    gebieden. Met veel idealisme bieden zij basale onderwijsprogramma’s,
    maar zij slagen er niet in grote groepen jongeren te stimuleren hun
    opleiding elders voort te zetten.
    5.2. Van Aurukun vloog de delegatie naar Weipa, het belangrijkste stadje
    in de noordelijke punt (Cape York Peninsula) van Queensland. Weipa is
    een mijnstadje van ongeveer 3000 inwoners, gesticht in 1962, toen de
    delving van bauxiet op gang kwam. Weipa ligt net ten zuiden van Duyfken
    Point, de locatie waar het eerste geregistreerde contact plaatsvond van
    Europeanen met het Australische continent. Het is hier dat de Nederlandse
    ontdekkingsreiziger Willem Janszoon in 1606 met zijn schip de
    Duyfken aanlandde. Dat was 164 jaar voordat Captain James Cook
    officieel Australië «ontdekte». Met het vliegtuig is de delegatie gevlogen
    over het gebied waar de ontdekkingsreizigers van de Duyfken voet aan
    wel gezet hebben. Ook Weipa begon, iets ten zuiden van het huidige
    stadje, als een Presbyteriaanse Aboriginal missiepost (in 1898). In 1955
    ontdekte de geoloog Harry Evans dat de rode kliffen die al door de
    Nederlandse ontdekkingsreizigers waren waargenomen, en in 1802 door
    de Engelse cartograaf Matthew Flinders, enorme voorraden bauxiet
    waren, de grondstof waarvan aluminium wordt gemaakt. In Weipa kreeg
    de delegatie een uitvoerige rondleiding door het Comalcomijngebied, de
    bauxietmijn die door het bedrijf Comalco wordt geëxploiteerd. Comalco is
    een dochter van de Rio Tinti Groep die 20% van de delving van bauxiet in
    Australië verzorgt. De omzet bedraagt ruim US $ 250 miljoen per jaar. De
    delegatie kon aanschouwen hoe de rode delfstof «voor het oprapen» ligt
    en via transport per kolossale vrachtauto en trein ingescheept wordt voor
    vervoer naar Gladstone, Queensland, waar de aluminiumraffinaderijen
    van Comalco zich bevinden. Nadat bauxietterrein is afgegraven, vindt
    herbebossing plaats.
    Na de tocht door het Comalco bauxietmijngebied begaf de delegatie zich
    naar het Western Cape Cultural Centre, een klein, halfopen museumcomplex
    dat via foto’s, kunstwerken, gebruiksvoorwerpen, historische
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 14
    overzichten en verhalen de geschiedenis van Cape York vertelt.
    De burgemeester van de Mapoon Aborigal Shire Council, Peter Guivarra,
    heette hier namens de gemeenschap de Nederlandse parlementaire
    delegatie hartelijk welkom. Hij sprak in zijn speech voor de Nederlandse
    parlementaire delegatie zijn bewondering uit voor kapitein Janszoon en
    zijn bemanning, die 400 jaar geleden met een boot zonder kiel en zonder
    moderne navigatieapparatuur Australië ontdekte. Door de aandacht die in
    2006 in Australië is gegeven aan 400 jaar betrekkingen tussen Australië en
    Nederland weet een groot gedeelte van de Australische bevolking nu dat
    niet kapitein Cook de ontdekker van Australië is, maar dat dit «de
    Nederlanders» waren.
    Het Centrum is onlangs gerenoveerd en de Voorzitter van de Eerste Kamer
    verrichtte met een korte toespraak en het doorknippen van een lint de
    opening van het vernieuwde cultureel centrum. Bij het centrum werd een
    aantal traditionele Aboriginal dansen uitgevoerd, maar ook enige dansen
    die duidelijk de invloed van de moderne rock & roll hadden ondergaan.
    De dag werd afgesloten met een feestelijke barbecue in de tuin van de
    Comalco Lodge. Daarbij waren diverse regionale Aboriginal bestuurders
    en stamoudsten aanwezig. De nakomelingen van de oorspronkelijke
    bewoners vertelden prachtige verhalen over de strijd die hun voorouders
    met de eerste Europese bezoekers van de Kaap hadden geleverd. Met veel
    verdriet werd gewag gemaakt van de «moord» op blauwogige baby’s die
    begin 17e eeuw geboren zijn. De door Europeanen verwekte kinderen
    werden vaak aangezien voor geesten die een gevaar vormden voor de
    zwarte, oorspronkelijke bewoners.
    6. Slot
    Terug in het stadje Cairns had de delegatie gelegenheid kennis te maken
    met prachtig residentieel gebied, met tropisch regenwoud, en met
    watergebieden die rijk gevuld zijn met vervaarlijke krokodillen.
    Nederland en Australië, twee landen, twee naties op tegenpolen van de
    globe. Het landoppervlak van Australië is 185 keer groter dan dat van
    Nederland. Qua bevolking is Australië maar iets groter dan Nederland (20
    miljoen inwoners). Toch zijn er veel parallellen tussen de beide landen:
    grote welvaart, sterk in vele economische sectoren, waaronder industrie
    en de dienstensector. Beide landen zijn multiculturele samenlevingen.
    Australië heeft historisch, cultureel en economisch sterke banden met
    Europa.
    Veel Australiërs zien Nederland naast het Verenigd Koninkrijk als
    belangrijkste bondgenoot in Europa, ook als een logische ingang tot
    Europa. In het herdenkingsjaar 2006 is in Australië bij tal van evenementen
    benadrukt dat de moderne geschiedenis van Australië niet met de
    komst van de Engelsen in de 18e eeuw, maar met de komst van de
    Nederlanders aan het begin van de 17e eeuw begonnen is. De relatie
    tussen beide landen heeft door de eeuwen heen een sterk vriendschappelijk
    karakter gehad. In de Tweede Wereldoorlog zijn het Nederlandse
    troepen geweest die een werkzaam aandeel hebben geleverd aan de
    verdediging van Australië. Naast Australiërs hebben uitsluitend Amerikaanse
    en Nederlandse militairen strijd geleverd voor de verdediging van
    Australische grond en de Australische wateren. De aanwezigheid van
    Nederlandse oud-militairen na de oorlog heeft mede de stoot te gegeven
    tot vestiging en inburgering van duizenden Nederlanders in Australië.
    De beide landen hebben een speciale band die door de vele evenementen
    in het herdenkingsjaar is versterkt. Australië ziet Nederland als belangrijke
    poort tot Europa. Voor Nederland is Australië niet alleen als land een
    belangrijke bondgenoot en handelspartner, maar ook een ingang tot het
    zo sterk in economische opkomst zijnde oostelijk deel van Azië. De
    Nederlandse parlementaire delegatie die op uitnodiging het Australische
    parlement met vele facetten van dit uitgestrekte, prachtige land kennis
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 15
    heeft mogen maken, is ervan overtuigd dat de uitstekende vriendschapsband
    ook in de komende eeuwen voortgezet kan worden en dat het
    élan en de wederzijdse betrokkenheid die in het herdenkingsjaar 2006 zo
    sterk zijn geweest, in de komende jaren in het wederzijds belang
    behouden en verder benut moeten worden.
    De historische grondslag voor de bijzondere band die tussen beide landen
    is gegroeid, lag bij de landing van de Duyfken in 1606. De delegatie acht
    de plaatsing van een blijvend herdenkingsmonument op Point Duyfken
    passend en wil daar een initiatief toe nemen.
    Voorzitter Eerste Kamer,
    Timmerman-Buck
    Griffier Eerste Kamer,
    Hamilton
    Onder-Voorzitter Tweede Kamer,
    Ten Hoopen
    Plv. griffier Tweede Kamer,
    Esmeijer
    Bijlagen:
    1. Programma van de reis van de parlementaire delegatie naar Australië
    2. Toespraak van de Voorzitter van de Eerste Kamer en leider van de
    parlemenatire delegatie bij gelegenheid van het diner aangeboden
    door de President of the Senate and the Speaker of the House of
    Representatives op 11 oktober 2006 in Canberra...


    Friday 13 October 2006
    Notes: Suggested dress – light clothing for tropics –
    long sleeves, long trousers (no jacket or tie); hats.
    Overnight bag (< 10kg) to be taken.
    8.00 am Assemble in hotel foyer and depart for Hinterland Aviation
    Terminal,
    Hangar 7, Tom McDonald Drive
    Cairns Airport
    8.30 am Charter flight departs Cairns
    Ms Helena Gulash, Director, Queensland Indigenous Arts
    Marketing and Export Agency (QIAMEA) to accompany on
    flight
    10.15 am Arrive Aurukun
    10.30 am Visit Wik & Kugu Arts and Crafts Centre
    Mr Neville Pootchemunka, Mayor,
    Mr Grant Crossley, A/g CEO,
    Aurukun Shire Council
    Mr Charlie Street, Coordinator of Centre
    12.30 pm Charter flight departs Aurukun
    Mr Geoff Wharton, Consultant to the Queensland
    Government, to accompany on flight
    (Light lunch on board)
    12.55 pm Arrive Weipa
    Met on arrival by Mr John Graham, Community Relations
    Manager, Mr Scott Philpott, Manager, Andoom, and
    Mr Jim Singer, Manager, External Affairs, Comalco
    Aluminium Limited
    Transfer to accommodation
    Accommodation:
    Comalco Lodge
    Pera Court
    and
    Albatross Bay Resort Hotel
    Duyfken Crescent
    2.00 pm Depart Albatross Bay Resort Hotel, for Comalco Lodge, then
    transfer to Comalco mine (Note: Personal Protective
    Equipment to be worn – provided by Comalco)
    Tour of Comalco’s bauxite mining operations led by
    Mr Scott Philpott, Manager, Andoom and Mr Mark
    Meaney, Superintendent, Andoom
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 22
    4.00 pm Return to Comalco Lodge
    4.30 pm Transfer to Western Cape Cultural Centre
    Kerr Point Drive
    Official opening of refurbished Western Cape Cultural
    Centre by Mrs Timmerman-Buck
    Others met in Weipa may include:
    Mapoon Aboriginal Shire Council
    Mr Peter Guivarra, Mayor
    Mr Stuart Wright, CEO
    Napranum Shire Council
    Mr Charles Hudson, Mayor
    Mr Peter Solly, CEO
    Weipa Town Committee
    Mr Michael Rowland, Chairman,
    Weipa Town Authority
    Mr Ian Pressley, CEO,
    Weipa Town Authority
    Queensland Government
    Mr Bob McCarthy
    Director-General
    Department of State Development
    Mr Geoff Kenney
    Director Executive Services
    Office of the Director-General
    Department of Employment and Industrial Relations
    Mr Peter McCulkin
    Weipa Manager, Department of Natural Resources and
    Water
    Dr Michele Fulcher
    Consultant
    Western Cape Cultural Centre
    Mr Richard McIntosh, CEO
    Weipa Multi-Purpose Facility
    Ms Lorisa Morgan
    Manager of Centre
    6.00 pm Transport available for transfer to
    TBC dinner venue
    7.00 for Dinner hosted by Comalco
    7.30 pm at Albatross Bay Hotel Resort (TBC)
    9.30 pm Transport available for return to Comalco Lodge
    Saturday 14 October 2006
    7.00 am Breakfast (Comalco Lodge)
    8.00 am Depart Comalco Lodge
    Staten-Generaal, vergaderjaar 2006–2007, 30 949, A en nr. 1 23
    8.15 am Depart Albatross Bay Resort Hotel
    Transfer to Weipa Airport
    8.30 am Charter flight departs Weipa
    10.30 am Arrive Cairns...




    Make a Free Website with Yola.